Het
haakeffect is een verschijnsel dat zich voordoet bij de besturing van
vliegtuigen, waarbij het vliegtuig in de ongewenste richting
giert.
Drukt de
piloot de knuppel naar rechts, dan gaat het rechter
rolroer omhoog en het linker omlaag. Hierdoor heeft de
linkervleugel meer lift dan de rechter, zodat het vliegtuig naar rechts rolt.
Het naar beneden uitslaande rolroer veroorzaakt echter niet alleen meer lift maar ook meer
geïnduceerde weerstand. Het gevolg daarvan is dat het vliegtuig naar links giert. De neus van het vliegtuig draait dus tegen de rolrichting in. Zo wordt een deel van het effect van de ingezette
rol ongedaan gemaakt. We noemen dit het haakeffect. Een bocht met haakeffect noemen we een
ongecoördineerde bocht.
Correctie haakeffect
Om het effect tegen te gaan tijdens de vlucht, moet de piloot tegelijk ook het
richtingsroer gebruiken. Er zijn echter bij het ontwerp van het vliegtuig ook methoden waarvan men gebruik kan maken om het effect tot een minimum te beperken. De drie belangrijkste manieren zijn het gebruik van:
- Frise-rolroeren; deze zorgen voor verhoogde parasitaire weerstand aan de zijde van het naar boven uitslaande rolroer welke het vliegtuig de goede kant op doet gieren.
- rolroer differentiëring; waarbij het neergaande rolroer een kleinere uitslag heeft de opgaande om zo het weerstand verschil kleiner te houden.
- rolspoilers; waarbij alleen extra weerstand ontstaat op de neergaande vleugel waardoor het vliegtuig de gewilde kant op giert.