
Het Libische regime was op de hoogte van de evacuatie van de Nederlandse man en de Zweedse vrouw uit Sirte. Hoe de informatie is uitgelekt is nog niet duidelijk.
Het regime van Libië wist dat een Nederlandse man en een Zweedse vrouw van het strand van Sirte geëvacueerd zouden worden. Dat blijkt uit een brief van minister van Buitenlandse Zaken Uri Rosenthal (VVD) en minister van Defensie Hans Hillen (CDA) aan de Tweede Kamer.
De evacuatie met een helikopter was de enige mogelijkheid om de twee te evacueren, zo staat in de brief te lezen. Had Haskoning, de werkgever van de Nederlander, al meerdere pogingen gedaan om hem Libië uit te krijgen. Dat bleek een moeilijke opgafe omdat het paspoort van de man nog op het kantoor in Tripoli lag.
Nederland overwoog om Libië om toestemming te vragen voordat het Libische luchtruim werd betreden. Uiteindelijk is besloten om dit niet te doen omdat de Libische overheidsdiensten die zondag gesloten waren.
Bovendien staat het ongeschreven volkenrecht toe om af te zien van toestemming als er sprake is van een gevaarlijke situatie. "Dat achteraf excuses is aangeboden voor het niet hebben gevraagd van toestemming, doet daar niet aan af en behoort tot de gebruiken in het (diplomatiek) interstatelijk verkeer", schrijven de bewindspersonen. Nederland heeft direct nadat de bemanning werd vastgezet al excuses gemaakt.
De als verrassing bedoelde actie op het strand van Sirte ging helemaal mis. Hoewel het er rustig uitzag op de grond en de evacué dat ook aangaf, werd de bemanning meteen na de landing onder schot gehouden en vastgenomen door zo'n dertig gewapende mannen, die van alle kanten aankwamen. Er waren bewust geen bewapende mariniers meegestuurd, omdat dit juist kon leiden tot geweld. Het betrof een evacuatie en niet een bevrijdingsactie, schrijven de ministers.
Ook de Zweedse vrouw werd na de landing vastgezet. Hoewel de actie geheim was, had zij toch via haar zoon gehoord dat er een evacuatie aankwam. De helikopterbemanning had echter de opdracht om één persoon op te halen. De vrouw werd tegengehouden bij de ingang van de haven toen zij op weg was naar de evacuatieplek. Op dat moment was de helikopter al geland. De ministers stellen niet met zekerheid te kunnen vaststellen hoe de Libiërs vooraf van de evacuatieplannen afwisten. De snelheid waarmee de overmeestering plaats heeft, duidt volgens hen op voorkennis.
Tegen een van de drie bemanningsleden van de helikopter is tijdens het eerste verhoor geweld gebruikt. Hij vertelde dat niet tegen de twee andere militairen, omdat hij hen niet ongerust wilde maken. Pas drie dagen na terugkomst in Nederland maakte hij hier melding van.
Wie de Nederlander was die op stel en sprong geëvacueerd moest worden wordt ook nog altijd stil gehouden. De ministers ontkrachten in de brief wel het gerucht dat het zou zijn gegaan om prinses Mabel. "De evacué had geen banden met het koninklijk huis", staat in de brief. "Het besluitvormingsproces om tot evacuatie over te gaan was voor elke andere willekeurige Nederlander hetzelfde uitgevallen."
Toch wordt uit de brief niet echt de dringende noodzaak voor de evacuatie per helikopter noodzakelijk. Daar komt bij dat de evacuees meteen na de mislukte poging om ze op te pikken aan de Nederlandse ambassade zijn overgedragen en het land ongehinderd per vliegtuig hebben verlaten.
Enkele dagen eerder was met de Lynx-helikopter van het fregat Hr. Ms. Tromp een soortgelijke evacuatie in Misrata van zes Nederlanders mislukt. De zes waren niet op de afgesproken plek. Toen was evenmin toestemming van de Libiërs gevraagd, staat in de brief.
De vrijlating van de drie militairen vond plaats na lange stroeve onderhandelingen en vele diplomatieke inspanningen van Griekenland en Malta. Libië wilde dat Nederland met Malta zou onderhandelen over de teruggave van twee vliegtuigen waarmee de piloten ontsnapt waren. Ook moest Nederland pleiten voor een waarnemersmissie naar Libië, maar Nederland ging niet op deze wensen in.
Lees hier de
Lynx_brief.pdf Bron: Novum/AD